Math Heijdendael

Op 23 april 2020 overleed in Maastricht

Math Heijdendael

montfortaan

Johannes Matheus Gerardus Heijdendael wordt geboren op 10 mei 1937 in Wijlre. In 1950 komt hij naar Bunde, de broedervakschool, waar hij het vak van bankwerker leert. In 1955 gaat hij naar het noviciaat in Meerssen. Op 28 april 1956 legt hij zijn eerste geloften af en ontvangt zijn kloosternaam: Bonaventura. Tot 1958 is hij privé-chauffeur van de provinciaal overste. Daarna studeert en werkt hij als leraar in Bunde. In 1965 wordt hij lid van de provinciale werkgroep. Vanaf 1969 woont Math in Vroenhof, vanaf 1992 als hoofd technische dienst. Als hij 65 wordt, gaat hij als vrijwilliger verder en als econoom van het klooster.

Als kleine jongen van 12 jaar begint Math op de missievakschool te Bunde aan de opleiding tot missionaris. Dat is zijn uiteindelijk doel. Het zijn voor hem vijf harde jaren, die hij afsluit met de aanvraag om aan het postulaat te mogen beginnen. Dat vindt plaats in Voorschoten, gevolgd door zijn noviciaat in Meersen. Zijn eerste benoeming wordt: chauffeur van provinciaal overste Kees Heiligers, van wie Math steeds mocht horen waar hij hard of zachtjes moest rijden. Zo komt hij in alle montfortaanse kloosters. De toenmalige behuizing van de broeders vindt hij maar niets en ook de opgelegde kloosternamen van de broeders ervaart hij als discriminerend. Maar dat weerhoudt hem niet om op 28 april 1961 de eeuwige gelofte af te leggen. In de aanvraag daartoe schrijft Math ‘Mijn verlangen is om later mijn krachten te mogen inzetten in een van onze missies. Maar zou O.L. Heer me hier nodig achten, dan zal ik dat moedig aanvaarden en zo goed mogelijk mijn best doen te leven zoals O.L. Heer en moeder Maria van mij verlangen.’

Naar de missie gaan zit er voorlopig niet in, want hij blijft na zijn eeuwige professie nog enkele jaren leraar-bankwerker in Bunde met ook de opdracht de opleiding tot meester-schilder te volgen. De verschillende maagbloedingen die hij in die jaren krijgt, doen zijn missie-ideaal teniet. Als de missievakschool opgeheven wordt verhuist hij naar Meerssen en wordt lid van de provinciale werkgroep. Jarenlang heeft hij met andere broeders gerenoveerd en de verfkwast gehanteerd, zodat de kloosters er netjes uit zagen. In een interview t.g.v. zijn 50-jarig professiefeest, zegt hij: ‘Geïnspireerd door het leven van Jezus heb ik steeds geprobeerd mensen binnen en buiten het klooster een beetje geluk te brengen en te geven en pikte daar zelf ook wat van mee!’

Buiten het klooster een beetje geluk brengen. Ja, Math heeft altijd een zwak hart gehad voor minder begaafden, zoals zijn petekind. Mensen in moeilijkheden mochten rekenen op zijn speciale aandacht, zoals de overburen van Vroenhof. Als de vader van dat gezin plotseling komt te overlijden, mogen de nabestaanden op zijn inzet rekenen. Als hoofd van de technische dienst van het kloosterbejaardenoord Vroenhof vinden de medewerkenden bij hem een luisterend oor.

In Math verliezen wij een goede confrater, die wel zo zijn eigen voorkeuren had en het kloosterleven vaker als beklemmend ervaarde, wat hij in zijn gedrag ook liet merken.  Geen gemakkelijk karakter had hij. Misschien heeft hij zelf daar nog wel het meeste onder geleden.

Het laatste jaar ging zijn gezondheid zienderogen achteruit. Soms snakte hij naar adem.  Na nog enkele dagen verzorgd te zijn in het zorgcentrum te Amby is hij in ochtend van donderdag 23 april ingeslapen. Dat de Adem Gods hem nu mag omringen.

A Dieu.