Page 128 - geschiedenis
P. 128

114 SMM in Indonesië 1939-2005
probleem. Om alles eens goed te bekijken zond de generale raad in 1967 pater Jos Hermans naar Borneo. Nog nooit was een Nederlandse provinciaal op bezoek geweest in Indonesië. Omdat Borneo juridisch onder de Amerikaanse Provincie behoorde, kwam pater Hermans niet in de hoedanigheid van provinciaal, maar als gezondene van het generalaat. Zijn bezoek duurde van 10 oktober tot 15 december 1967.
Bij gelegenheid van deze visitatie werd het functioneren van de Ameri- kaanse provincie geëvalueerd. Men vroeg zich af in hoeverre de Amerikaanse provincie zich betrokken voelde bij het gebeuren op Borneo. Naar aanleiding van deze evaluatie schrijft pater Lam van den Boorn het volgende:
"Aanvankelijk bestond er in USA Provincie een zeker enthousiasme, vooral gekweekt door pater Setzer zelf. Dit enthousiasme is geleidelijk geluwd, totdat er tegen de tijd van het USA Kapittel begin 1964 vele Amerikaanse montfortanen zich rechtstreeks keerden tegen het aanhouden door USA van deze missie. Redenen: Men constateerde, dat men zelf een geweldig gebrek aan krachten had, terwijl men terzelfder tijd in eigen land moest uitbreiden, wilde men zich in de toekomst kunnen handhaven (aldus deze stemmen).
Stond men er financieel ook eerder al niet sterk voor, door uitbreiding in eigen land - en bijzonder door bouw van het nieuw Klein Seminarie van Bay Shore - had men een grote schuldenlast op zich genomen. Bij vele leden USA bestond er een grotere trek naar werk in eigen land of uitzending naar Zuid Amerika dan naar de missie van Borneo. Eenzijdige (ongunstige) voorlichting door enkele Amerikaanse missionarissen, die vroegtijdig terugkeerden, omdat zij hier niet op hun plaats waren.
Gezien de wijze, waarop de overdracht had plaatsgehad, sprak men om bovenstaande redenen openlijk deze mening uit: dit blok aan het been is niet gewild door de USA Provincie maar door pater Setzer. Inderdaad moet geconstateerd worden, dat pater Setzer zeer persoonlijk en zelfstandig te werk is gegaan bij deze overdracht."
Uitgaande van bovengenoemd schrijven is het niet verwonderlijk dat sommige missionarissen teleurgesteld waren over de rol van de Amerikaanse Provincie. De Amerikanen hadden beloofd om het diocees Sintang over te nemen en het tot hun missie te maken en nu bleek dat zij niet in staat waren om de nodige krachten te leveren.
De facto bleef het grootste deel van de missionarissen bestaan uit Nederlanders en bleef de missie van Sintang het aanzien behouden van een Nederlandse missie. Hier nog komt bij dat de kwaliteit van de Amerikaanse missionarissen niet van dien aard was, dat men hen meteen of in korte tijd leidende functies kon toevertrouwen. De bekwaamste kracht, pater E. Lynch, die vanwege zijn kwaliteiten al spoedig tot superior van de regio werd aange- steld, werd onmiddellijk teruggetrokken naar Jakarta als directeur van het Catholic Relief Service-bureau (CRS). Dit alles had tot gevolg dat er onder de


































































































   126   127   128   129   130