Page 130 - geschiedenis
P. 130

116 SMM in Indonesiƫ 1939-2005
missionarissen op leeftijd waren en qua gezondheid niet meer konden presteren zoals van te voren. Maar, werd er aan toegevoegd, Sintang moet niet te optimis- tisch zijn, omdat zowel in Nederland als in Amerika het aantal kandidaten sterk terugloopt.
Het feit dat men nauwelijks meer kon rekenen op aanvulling van perso- neel uit Nederland en Amerika, opende de ogen van de missionarissen om - wilden zij aanvulling van personeel krijgen - te beginnen met roepingenpasto- raal ter plaatse in hun eigen diocees. Tot op dat moment waren er vier Indo- nesische priesters afkomstig uit het diocees Sintang in functie, te weten 1 montfortaan en 3 wereldheren. Van die paar wereldheren was Jan Ngumbang al jaren ziekelijk. De statistieken eind 1969 vertellen dat er in het diocees Sintang 23 paters, 3 wereldheren, 4 broeders, en 41 zusters werkzaam waren.
Met dit klein aantal mensen een gebied zo groot als het diocees Sintang met een groeiend aantal katholieken te bewerken was onmogelijk. Daarom kwam steeds meer de gedachte op om leken meer en meer te gaan betrekken in het missiewerk en aandacht te besteden aan de opleiding van catechisten en godsdienstleraren.
Op 27 maart 1974 besloot het Amerikaans provinciaal kapittel om de Borneo missie los te laten en de verantwoordelijkheid terug te geven aan de Nederlandse provincie.
De geest van vernieuwing en het Generaal Kapittel van 1964
De missionarissen op Borneo leefden eenvoudig onder en met de plaatselijke bevolking. Ze hadden geen vervoermiddelen en tijdens hun dienstreizen langs de dorpen aten ze wat de pot schafte overeenkomstig de gewoonte van de streek. Ze verkondigden hun blijde boodschap door zieken te helpen, aandacht te besteden aan onderwijs en catechese. Ze spanden zich in om de levensstandaard van de bevolking te verhogen en menswaardiger te maken. Het samenzijn en samenwerken van de paters en broeders met de plaatselijke bevolking opende wegen voor vooruitgang en betere tijden. Helaas was het gebrek aan personeel, catechetisch materiaal, de grote afstanden tussen de dorpen, gebrek aan transportmiddelen e.d. een sta-in-de weg om inderdaad vooruitgang te boeken en om de mensen te helpen hun oude animistisch gekleurde adat en gewoontes aan te passen. Ondanks deze gebreken ging men toch door met het missiewerk.
De zestiger jaren met het Tweede Vaticaans Concilie en de politiek van dekolonisatie brachten een nieuwe sfeer, een nieuwe geest in de wereld. De


































































































   128   129   130   131   132