Page 131 - geschiedenis
P. 131

Hoofdstuk 3. Amerikaanse SMM en Regio Indonesiƫ 1959-1973 117
vernieuwende geest van het Concilie was in heel de congregatie en zelfs tot ver in de binnenlanden van Borneo te voelen. Het was de tijd dat er veel gesproken werd over aanpassingen in het religieuze en godsdienstig leven. Zo vroegen de missionarissen zich af wat te doen met het voorschrift dat een confrater ver in de bossen van Borneo moet leven met dezelfde regels als iemand die in een Nederlands klooster zit en daar werkt.
Eigenlijk had het provinciaal en generaal kapittel van 1958 al laten doorschemeren dat het tijd werd voor vernieuwingen, maar de tijd bleek op dat moment nog niet rijp voor daadwerkelijke aanpassingen. Pas tijdens het generaal kapittel in 1964 gebeurde dat. Men noemde dit kapittel: werkkapittel. De leden van dit kapittel gingen diverse thema's bekijken en bespreken in de geest van het Tweede Vaticaans Concilie en zij stelden commissies in om die thema's verder uit te diepen. Er werd tijdens dit kapittel, dat plaats vond van 5 mei tot 16 juni 1964, hard gewerkt, maar men kwam niet klaar en besloot opnieuw in 1969 bij elkaar te komen in een speciaal kapittel.
De commissie die de vernieuwing van de constitutie moest voorbe- reiden, was het belangrijkste. In de geest van het Tweede Vaticaans Concilie moest deze commissie de bronnen bestuderen van het montfortaans leven, terug grijpen naar het charisma van onze stichter en dat aanpassen aan het actuele leven op basis van de documenten Perfectae Caritatis en Ecclesiae Sanctae. Een andere commissie kreeg de taak om de uitgave voor te bereiden van de volledige werken van Montfort om die in 1966 te presenteren bij gelegenheid van de 250ste sterfdag van Montfort. Een derde commissie hield zich bezig met de montfortaanse spiritualiteit.
Dat er ook onder de missionarissen interesse was voor een geest van vernieuwing, bleek op 10 december 1967 toen ze bij elkaar kwamen in Sintang. Behalve te spreken over de missieproblemen, het kapittel en andere agenda- punten, werd op een bijzondere wijze aandacht besteed aan een inleiding van pater Hermans over de "Vernieuwing in onze Congregatie". Met veel interesse luisterden de missionarissen naar zijn uiteenzetting. Met aanhaling van diverse documenten gaf pater Hermans aan dat het concilie zich intens had bezig- gehouden met de religieuze levensstaat. Het Tweede Vaticaans Concilie had duidelijk laten blijken dat het religieuze leven een "onvervangbare rijkdom van de kerk" moet overgaan tot een herbronning en hernieuwing. Pater Hermans weidde verder uit over de thema's democratisering, decentralisatie en plurifor- miteit. Over deze thema's zei hij onder andere het volgende:
Ieder religieus instituut is een uitdrukking van een bepaald charisma waarin weer ieder lid uitdrukking zal geven van een bepaald charisma. De Geest Gods is gekomen over alle gedoopten, alle geprofesten en niet alleen over de


































































































   129   130   131   132   133