Page 183 - geschiedenis
P. 183

Hoofdstuk 5. Naar een zelfstandige Indonesische Kerk 1977 - 1984 169
gewoonte van de Dajaks, immers zij hebben jarenlang tussen hen geleefd en gewerkt. Hun voorbeeld en hun woorden zijn zeer belangrijk voor de jongeren. Zo herinner ik me de woorden van Jan Linssen, tijdens een gesprek over het gebruik van buitenboord motoren en het gaan naar de kampongs: "Jullie gaan niet meer om met de Dajaks, jullie met je snelle buitenboordmotoren varen rechtstreeks naar het dorp waar je moet zijn en jullie leggen niet meer aan bij de kampongs die jullie onderweg passeren, zoals wij vroeger deden toen we al roeiende op dienstreis gingen." De nieuwe tijd met zijn betere faciliteiten heeft het voordeel dat je tijd uitspaart, maar van de andere kant wordt het contact met de mensen minder.
Een ander punt is de wijze van pastoraal handelen. Enkele confraters vroegen zich af of men geen kritischer houding moet aannemen t.o.v. het apostolaat en de missionaire activiteiten? Is de manier, waarop men vroeger en grotendeels ook nu nog werkt, de alleenzaligmakende? Kan het niet anders of beter? Moet men met het oog op een toekomst zonder nieuwe buitenlandse krachten, niet meer aandacht besteden aan Indonesianisatie, meer overdragen aan anderen? Overigens mag opgemerkt worden, dat ondanks allerlei kritiek, aan iedere confrater de vrijheid werd gegeven om nieuwe ideeƫn en initiatieven te ontplooien. De missionaire activiteiten in welke vorm dan ook, waren zinvol en beantwoordden aan het montfortaans charisma. Misschien zou alles nog effectiever kunnen zijn indien er een beter pastoraal beleid en meer samen- werking zou zijn.
Hoewel de landelijke politiek niet alle lof verdiende, was hij niet nadelig voor het apostolaatswerk. De kerk en de andere erkende godsdiensten hadden vrijheid van werken op godsdienstig gebied. Toch keken de missionarissen bevreesd naar de toekomst vanwege het feit, dat hier en daar sommige islamieten zich steeds fanatieker opstelden. Zou de regering die vrijheid van godsdienst blijven garanderen? Om haar macht niet te verliezen probeerde de regering, die enkel steunde op de Golkarpartij, zelfs via manipulaties of dwang de vorming van een islam-staat te voorkomen. Algemene verkiezingen stonden voor de deur en het was de vraag of de regeringspartij op den duur in haar politiek zou slagen. Het was een gegeven dat de populariteit van de regeringspartij achteruitliep, en die van de islam- partij vooruit. Corruptie, wanbeheer en verkwistingen door de regering zetten veel kwaad bloed, vooral bij de arme en zeer arme bevolkingsgroep, de islamieten. Verreweg het grootste deel van de Indonesiƫrs is islamiet, maar in West-Borneo vormen de kristenen (protestanten en katholieken samen) met de animisten erbij, waarvan een grote groep zich sympathisant katholiek-protestant noemt, de grote meerderheid.


































































































   181   182   183   184   185