Page 201 - geschiedenis
P. 201

Hoofdstuk 5. Naar een zelfstandige Indonesische Kerk 1977 - 1984 187
missionaris om de vier jaar een schriftelijke evaluatie schrijft van zijn situatie aan de hand van enkele door het provinciaal bestuur aan de regionaals op te sturen vragen. Voordat hij op verlof naar Nederland komt, bespreekt de missionaris dit rapport met zijn regionale overste en stuurt hij een kopie van zijn bevindingen aan de provinciaal. Aan de hand van dit rapport heeft de missionaris een gesprek met de provinciaal. Het gaat hier niet alleen over missionarissen die van plan zijn definitief naar Nederland terug te keren.
Op de sluitingsdag van het kapittel had de keuze plaats van het nieuwe provinciaal bestuur. Pater Huub Somers werd herkozen als provinciaal voor een tweede periode. Pater Theo Hustin werd zijn vicaris en Jan Beijers de provinciale econoom, de andere leden van het bestuur zijn Charles Voncken, Ger Cuppen, Frans Diederen en Gir Op 't Veld.
Het Noviciaat levert zijn eerste vrucht af
Het regionaal bestuur gaf aan Aloisius Djamal verlof zijn eerste gelofte uit te spreken op 25 maart 1981. Eigenlijk was het de bedoeling dit te doen op 2 februari, maar wegens ziekte van Djamal werd dit uitgesteld. Op de dag van deze eerste professie werd ook het 40-jarig priesterfeest van Huub Reijnders en het zilveren professiefeest van broeder Ad Sommers gevierd. Om met zoveel mogelijk confraters aanwezig te zijn in Putussibau werd de grote boot "Ferry" ingezet. Op 24 maart legde in alle vroegte de Ferry aan in Putussibau en werden de genodigden ontvangen met een fikse regenbui. De viering van de drie feestelingen begon 's avonds in de parochiekerk met de montfortaanse toe- wijding. Daags erna sprak de jeugdige broeder Djamal zijn eerste gelofte als lid van de montfortaanse gemeenschap uit. Deze viering maakte zoveel indruk op de aanwezigen, dat de wens gehoord werd: "Moge deze viering het begin zijn van een schitterende toekomst voor de montfortanen".
De feestelijke bijeenkomst werd door pater regionaal benut om aan de vele aanwezige confraters de resultaten van het provinciaal kapittel bekend te maken. Zo werd het besluit medegedeeld dat iedere missionaris alvorens op verlof te gaan een evaluatie-rapport dient te maken. Pater regionaal liet ter verduidelijking weten wat zo'n rapport inhield: dat de missionaris een beeld geeft van zijn werksfeer, hoe lang hij meent op verlof te gaan en wat zijn verdere plannen zijn. Het rapport dient overhandigd te worden aan de regionaal, die het na bestudering doorstuurt naar pater provinciaal. Het doel van zo'n rapport is dat de confrater in kwestie, de regionaal en de provinciaal samen op


































































































   199   200   201   202   203