Page 282 - geschiedenis
P. 282

268 SMM in Indonesië 1939-2005
Na de positief verlopen bijeenkomst in Sanggau ging Mgr. Doera proberen klaar te komen met de opheffing van het reisverbod voor Joep, maar al gauw bleek dat het niet zo eenvoudig was als werd gedacht. Monseigneur werd van de ene instantie naar de andere gestuurd, maar bereikte niets.
Was Joep in de beginperiode veel in Bandung, na enige tijd nam hij intrek in het gasthuis van de gezamenlijke religieuzen in Jalan Purwakarta te Jakarta. Hij wilde oproepbaar zijn. Hij vulde zijn tijd met assistentie te verlenen bij zusters en af en toe een bezoek aan Bandung. Het was om moedeloos te worden, er kwam geen oplossing. Pas veel maanden later op 28 juni 1991 werd Joep naar het kantoor van de bisschoppenconferentie geroepen, waar hem het paspoort overhandigd werd en hij eindelijk op verlof kon gaan.
Het Scholasticaat en Noviciaat
Na de examens einde semester verhuisden de bewoners van het montfortaans seminarie op 23–26 juni 1990 van Sukasenang naar het nieuwe huis in Surya Sumantri no. 83, 40164 Bandung. Als buren kregen ze de International School. Nadat de verhuisbeslommeringen voorbij waren gingen de fraters op vakantie en bezochten ze hun familie. Buiten verwachting was het huis Sukasenang snel verkocht. Een buurman, Dede genaamd, nam het over. Hij veranderde de kapel tot manufacturenwinkel. Zoals aanbevolen door pater provinciaal werd de opbrengst van het huis in het opleidingsfonds gestort.
Vanaf juli 1990 werd het nieuwe huis behalve door scholastieken ook bewoond door novicen en postulantbroeders. De novicen woonden er omdat het noviciaat op Gunung Kencana werd verbouwd. Hun aantal was 18, te weten 12 eerstejaarsnovicen en 6 tweedejaars. De 4 postulantbroeders kwamen onder begeleiding van Piet.
Het groeiende aantal kandidaten zal bij sommigen de vraag oproepen: Waar komen ze vandaan? In korte tijd zag je niet alleen kandidaten van Borneo, waar de montfortanen werkzaam waren, maar ook van Flores en Java. Kees rekru- teerde op Borneo, Wim en Piet op Java en Flores, elk met een eigen manier van aanwerving. Op Borneo geschiede de rekrutering hoofdzakelijk door de aanwezigheid van de montfortanen en het regelmatige bezoek aan het seminarie Nyarumkop. Op Java werden de klein-seminaries bezocht en jaarlijks maakten Kees, Piet, Wim en later ook Nico, een tocht van twee of drie weken op Flores. Daar werden contactpersonen op diverse scholen en seminaries bezocht plus de jongens die zich reeds aangemeld hadden. Het was belangrijk voldoende gegevens te verzamelen over de kandidaten, omdat sommige jongens zich kandidaat stelden enkel om op Java te komen. Van de klein-seminaries kregen


































































































   280   281   282   283   284