Page 354 - geschiedenis
P. 354

340 SMM in Indonesië 1939-2005
Bouw klooster in Putussibau
Hoe staat het met de bouw van het klooster "Deo Soli" in Putussibau? Na een moeilijk begin zat er nu vaart in de bouw en deze naderde zijn voltooiing. Tijd dus om te bekijken hoe het verder moest met de "marktcommuniteit" en de communiteit op de pastorie. Beiden functioneerden goed. Na overleg besloot het delegatiebestuur enkele veranderingen aan te brengen in de samenstelling van de communiteiten. Josef Jehara, Stef Seli met overste Sumadi kregen de zorg voor het parochiële werk, de resterende confraters verhuisden naar het klooster Deo Soli. Naar het voorbeeld van team Sebeji begon deze groep – geholpen door broeder Gunarto, die overkwam van Sintang – met een nieuw categoriaal pastoraal werk. Ze bleven assistentie verlenen aan de parochies. De communiteit Deo Soli had het eerste jaar nauwelijks inkomsten en moest leven van een extra subsidie uit de delegatie-kas. Broeder Gunarto werd benoemd tot overste en pater Masjon tot huiseconoom. Volgens de constitutie mag alleen een priester overste zijn, daarom moest voor Gunarto dispensatie aangevraagd worden in Rome. In afwachting van de dispensatie, functioneerde hij alvast als overste. Toen na lang wachten geen antwoord kwam op de dispensatieaanvraag, werd aan generaal Bill Considine de vraag gesteld waar de dispensatie bleef. Hierop antwoordde hij: "laat Gunarto maar waarnemend overste zijn, want een dispensatieaanvraag bij de congregatie voor religieuzen kost veel tijd". En zo is Gunarto jarenlang (waarnemend) overste geweest. Het klooster Deo Soli, waarvan de bouw begonnen was in mei 1999, werd op 10 januari 2001 ingezegend door Mgr. Agustinus Agus.
Seminar liturgische muziek in Deo Soli
Het was geen geheim dat West-Borneo rijk is aan traditionele muziek en daar- om was het jammer dat de musici van de traditionele muziek lang moesten wachten op een gelegenheid dat te kunnen tonen. In 2001 nam broeder Gunarto het initiatief een seminar te organiseren waarbij de Dajak-deelnemers de kans kregen hun kunnen te tonen en zelfs liturgische liederen te componeren. Het welbekende liturgisch muziekcentrum "Pusat Musik Liturgi" uit Yogyakarta werd uitgenodigd dit seminar te leiden. Indonesische muziekdeskundigen Paul Widyawan, Victor Budi Santoso en de jezuïet Karl-Edmund Prier waren de leiders. Aanvankelijk werden enkel Dajaks rond Putussibau uitgenodigd, maar uiteindelijk uit heel het bisdom Sintang. De late uitnodiging van de rest had tot gevolg dat alleen de Dajaks van de Kalis-, Kantuk- en Tamanstammen opnamen bij zich hadden van hun traditionele muziek en de rest helaas geen


































































































   352   353   354   355   356