Page 383 - geschiedenis
P. 383

Hoofdstuk 10. Indonesië Generale Delegatie 2002 - 2005 369
pater Rozario Menezes (India), pater Irudayaraj Savarimuthu (India), pater Mateus Juang (Indonesië), pater Aloisius Banggur (Indonesië) dan pater Laurentius Ariston (Indonesië). Broeder Benoit was op ziekteverlof in Canada en pater Irudayaraj op studie in Amerika. Op pater Mateus Juang na, waren alle montfortanen werkzaam in de stad Kiunga. Zij verbleven in het bisdomhuis samen met de regionaal. Op zondag bracht Piet een bezoek aan de H.-Brigitte- parochie van pater Rosario en Alo. De pastoraal geschiedde volgens een bepaald program waarbij zoveel mogelijk leken werden betrokken. Voor het jaar 2003 was gekozen voor het thema: Melanesische cultuur. In iedere viering moest deze cultuur betrokken worden. Zo werd tijdens de viering van Witte Donderdag aandacht besteed aan de manier van begroeten en de manier van gasten ontvangen volgens de Papoea-cultuur en op Goede Vrijdag zag je de integratie van de Papoea-cultuur tijdens de kruisweg en het vieren van de dood van Jezus. Behalve aan de landscultuur besteedde het bisdom ook veel aandacht aan vluchtelingen uit Indonesië. Pater Jacques Gros, lazarist, en Mateus Juang waren daarvoor vrijgesteld.
Na dagen met hoge koorts en hoofdpijn, was de bisschop na Palmzondag als herboren en bezocht hij samen met Piet het diocesane pastoraal centrum, dat de naam draagt van een plaatselijke heilige: "Beato Peter Torot". Dit pastoraal centrum is met recht de trots van de bisschop. Ze bezochten eerst de kapel met een aan Papoeacultuur aangepaste inventaris, met o.a. het beeld van Maria, de Madonna van Papoea. Op het complex ligt een klooster van de MSC-zusters. Zij runnen en onderhouden het gehele complex. Er is ruimte en slaapgelegenheid voor groepen die pastorale cursussen volgen of retraite houden. Er is vervolgens een team bevoegde personen, die voor het bisdom pastorale planning uitwerken en begeleiden. Het centrum voorziet in een ware behoefte en wordt in PNG gezien als prototype voor een goede pastoraal.
Op 15 april rond 10 uur bracht een vrachtwagen 70 dozen biscuit naar de Fly-rivier, bestemd voor de vluchtelingenkinderen in Jewara, de parochie van pater Mateus. Alles werd overgeladen in een lange prauw waarmee Mateus en ook Piet stroomopwaarts gingen richting Jewara. Na een uur werd aangelegd op de plaats waar de auto van pater Mateus stond en een tractor die alle spullen zou vervoeren. Vanaf de rivier reden ze zes uur lang over een glibberige slechte weg tot Jewara.
Nu iets over de situatie in het grensgebied van het bisdom Kiunga waar rond tienduizend vluchtelingen van het Indonesische Papoea verblijven, mensen die strijden voor een 'Vrij Papoea'. Het gros van de vluchtelingen is katholiek en verbleef al veel jaren in het bisdom van onze confraters. Een aantal jaren geleden had de PNG-regering aan deze vluchtelingen een gebied aangeboden om te wonen en te leven, maar niet allen hadden daar gebruik van gemaakt. Ruim 3000 mensen deden het wel en zij vormen de parochie van pater Mateus.


































































































   381   382   383   384   385