Page 60 - geschiedenis
P. 60

46 SMM in Indonesië 1939-2005
belang in ‘t geloof, er zijn geen grote tegenslagen geweest. Wel heeft de statie haar oude pastoor P.Flavianus en den zeer degelijken Br. Bertrandus verloren maar beiden hebben dit erge offer heel bovennatuurlijk en voorbeeldig gedragen. Er zijn nu 2 montfortanen op Benua Martinus, ‘t volgende jaar worden er meer verwacht. Moge hun werk onder Gods zegen en met Maria's leiding vruchtbaar zijn."
Parochie Sedjiram
De parochie Sedjiram werd in 1892 door een Jezuïet geopend, maar door gebrek aan krachten weer verlaten in 1898. In 1906 werd de statie Sedjiram opnieuw geopend, deze keer door de kapucijnen pater Eugenius, pater Camillus en broeder Theodoricus. Liggende tussen Sintang en Putussibau bestreek de parochie Sedjiram een enorm gebied, dat met een paar mensen niet te bedienen was. In 1908 kregen de kapucijnen versterking van de zusters franciscanessen van Veghel, die op hun beurt werden vervangen door de zusters franciscanessen van Asten. In Sedjiram waren dat zuster Rosa, Genoveva, Gerarda en Gemma. Deze zusters verzorgden de meisjesschool, het meisjesinternaat, de polikliniek en het ziekenhuisje en daarbij was er een huishoudcursus, gaven ze catechese op school, in het internaat en in de dorpen.
In 1910 plantten de missionarissen 3000 rubberbomen. Dat getal werd jaarlijks aangevuld in de hoop met de opbrengst van de tuin de parochie te kunnen runnen. Als je leest over de reizen naar Kapuas Hulu en de ontwikkelingen rond Lanjak en Benua Martinus, begrijp je dat Sedjiram een belangrijke plaats innam als hoofdstatie. Sedjiram had vanaf het begin een 6- jarige basisschool, dit in tegenstelling met de andere plaatsen in die streek, waar 3-jarige scholen waren. Het is dan ook niet verwonderlijk dat van alle kanten schoolkinderen naar Sedjiram kwamen.
Een belangrijk maar helaas pijnlijk gebeuren in Sedjiram was dat in 1913 de kerk, pastorie en de school afbrandden. Het waren gebouwen die reeds vanaf het begin in gebruik waren. Een ander pijnlijk gebeuren was het feit dat op 17 juni 1942 alle missionarissen Sedjiram moesten verlaten en naar Kuching gebracht werden om geïnterneerd te worden. Pas in 1946 kwamen de kapucijnen Christianus, Herman en broeder Adjutus terug in Sedjiram.
In hetzelfde jaar komt op 10 augustus de eerste montfortaan, pater Ferry Hoogland, naar Sedjiram. Hij werd gevolgd door pater Lambertus van den Boorn en broeder Stephan op 8 december 1946. Uiteindelijk trokken de kapucijnen zich terug en werd Sedjiram op 13 april 1947 officieel onder de verantwoordelijkheid van de monfortanen gesteld.


































































































   58   59   60   61   62